|
|||||||||
Lopende ZakenHardlopen ontspannend? Absoluut. Maar om nou te zeggen dat ik tijdens het hardlopen aan niets denk... Dat mijn hoofd dan leeg is, zoals velen beweren. Echt niet. V aker volgt het ene onderwerp het andere in rap tempo op. Al dan niet ingegeven door gebeurtenissen onderweg. Dit blog vertelt hierover.
“Papa, zit mijn helm wel recht?” Junior fietst met me mee op een zaterdag ochtend in november. Sinds Parijs-Roubaix van dit jaar is hij Cancellara. Inclusief fietshelm en zonnebril. Het is zestig kilometer naar het stadion, maar dat kan ie best. “Kijk maar!” Bovenop de pedalen schiet hij weg over rood-oranje beukenbladeren. “Misschien als je tien of elf bent. Dan heb je misschien een echte racefiets.” Dat vindt ie cool.
Mijn gedachten gaan naar mijn eigen eerste racefiets. Een goudkleurige Peugeot. Eigenlijk was het een sportfiets. Want het had spatborden en een kleine bagagedrager. Fietsen maar. Zoals op de afsluitdijk, op weg naar Heerhugowaard. Daar ging ik dan over de kop omdat mijn handrem in het net van een fietsende visser bleef steken. Waarom was die man niet aan het vissen? En op de terugweg, de volgende dag, hadden we weer wind tegen.
“Hé pap, zit mijn helm wel recht?” Ik kijk achterom en stel junior gerust. Tot mijn ongenoegen zie ik dat er een vrouwelijke twintiger achter me op het fietspad is verschenen. Een meter of veertig. Hoe lang loopt ze daar al? Loopt ze op me in? Ik ben pas twee en een halve kilometer onderweg en ben nog niet eens warm gelopen, maar het gaat me toch niet gebeuren dat ze me inhaalt. He, dit sukkelgangetje was net zo lekker. Ik recht mijn rug, laat mijn armen even ontspannen hangen en praat met junior. Zo, nu heeft ze vast wel door dat ik nog warm draai. Dat maakt het toch wat dragelijker wanneer ze me inhaalt. Het gaat lekker en ik besluit een stuk aan mijn geplande rondje te plakken. Bochtje links en dan naar rechts de brug over. In de bocht naar links kan ik dan mooi even checken waar mijn achtervolger is gebleven. Nog steeds op een meter of veertig komt ze met grote passen nader. Lijkt intervalwerk te doen. Haar gemiddelde snelheid ligt dan in ieder geval niet hoger dan die van mij. Prima. “Het gele pad pap!” Voor me zie ik het lemen pad waarover junior onlangs met zijn klas het bos in is gegaan. Op zoek naar herfstspulletjes. Goed idee. Lekker, het crossgevoel overmeestert me en geeft me extra energie. Ik besluit om nog wat meer van deze paadjes te pakken. Mijn gedachten gaan naar gelopen crossen. In maillot met een sportbroekje erover. Naar spikes die mijn tenen doorboren en de smaak van modder. Dit moet ik toch vaker doen. Tegenwoordig proef ik de modder alleen nog op de mountainbike. Dan hoor ik junior klagen over pijn in z’n benen. Ongemerkt ben in sneller gaan lopen en natuurlijk is het niet makkelijk om dat kleine fietsje door de modder te werken. Een laatste paadje nog en dan vertel ik dat we weer richting huis gaan. Daar is hij het niet mee eens. Zijn benen doen geen pijn meer en hij wil nog zo’n rondje. Maar papa wil nu koffie en een bad. “We gaan morgen weer, ok?”. Na hem nog wat leuke activiteiten in het vooruitzicht te hebben gesteld, gaat hij akkoord. “Papa, mag ik dan wel mijn helm en zonnebril binnen op?” Reacties op Lopende Zaken
|
|||||||||
| |
|||||||||